Ik bezit een Citroenboom als kamerplant. Jawel, een Citrus limonum. Wat zeg je? Dat dit geen kamerplant is? Bij mij staat ze nochtans in de woonkamer. Goed, ik geef toe: mocht ik in het zuiden van Portugal wonen, dan stond ze buiten. Maar in mijn huidige woonst is er geen buiten, laat staan een warme zonnige buiten. Dus staat ze, lekker warm en volop in het licht, in mijn woonkamer. Het is een beetje zoals huisdieren, weet je wel? Er zijn er die je echt in huis hebt en andere die je dan in de tuin houden kan. Mijn plant, ik noem haar CeeCee, is tevreden. Dat denk ik toch. Ze is vrij gevoelig en haar ergernis toont ze door zomaar wat bladeren te laten vallen. Ze weet dat ik dan een paniekaanval krijg. Is ze ziek, krijgt ze te weinig water of o nee! teveel water? Geen licht genoeg? Gestrest door mijn bezoekers? Soms verdenk ik er haar van dat ze het enkel en alleen doet om mijn reactie te zien. Voorzichtig strijk ik dan het gevallen blaadje plat en laat het drogen tussen de bladzijden van een dik boek. Er heeft tot nu toe nog niemand gevraagd waarom mijn boeken naar citroen geuren en meer op een herbarium lijken dan op een boek. In het begin stond CeeCee  tussen de sanseveria en de gatenplant in, maar dat bleek mijn slechtste idee ooit te zijn. Want wat bleek er te gebeuren: CeeCee groeide gezwind verder, nee nee, niet in de hoogte maar ze slaagde erin om een bebladerde tak volledig zijwaarts te laten schieten. Naar de sanseveria toe. Een andere scheut schoot vliegensvlug richting de gatenplant.  Het was duidelijk. CeeCee heeft persoonlijke ruimte nodig, véél ruimte. Zij wil de ster zijn, de diva, zij alleen heerst over de vensterbank, geen concurrentie en al zeker niet van een sanseveria!

Als ik ’s ochtends opsta is het eerste wat ik doe, met een kopje koffie in de ene hand, met de andere hand balanceren om zo snel mogelijk de overgordijnen open te schuiven, zodat CeeCee licht krijgt. Heel eventjes bots ik dan soms tegen haar aan. En dan gebeurt het. De geur die vrijkomt door de aanraking van haar bladeren… Ik kan het gewoon niet beschrijven. Haar roomwitte bloemen geuren  nog intenser, nog zoeter… Op slag katapulteert die geur mij naar een zonnig tropisch eiland. Een paradijs. Instant geluk, dat geeft ze mij. Een droom, die schenkt ze mij. Door haar schoonheid, haar aroma en de volle grote gele vruchten die ze draagt. Als die rijp zijn laat ze ze gracieus vallen zodat ik ze tot een vers  gezond sapje kan verwerken.

Misschien heb ik ooit wel een plantage vol met CeeCees. In een warm zuiders land met volop zon en blauwe lucht.  Maar intussen heb ik de droom, de schoonheid en de geur. En CeeCee!

2 antwoorden
  1. Inge
    Inge zegt:

    bij het lezen van de tekst wordt men direct meegetrokken in het verhaal en ziet men zichzelf ook op een tropisch eiland zitten met de heerlijke geur van citroen

    Beantwoorden
  2. Raphaël De Witte
    Raphaël De Witte zegt:

    In mijn tuin te Dénia heb ik een citroenboom die “jaar in – jaar uit” vruchten draagt onder de meestal hel blauwe hemel.
    Ontroerend ; de bloem, de groeiende vrucht en de rijpe citroen te samen op één en dezelfde boom.
    Een generatie boom !
    Een boom geplant door één van mijn vier kinderen.

    Beantwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *