Kruidenstage - Nieuwsbrief juli 2023

19-07-2023

Onlangs maakte ik een boottochtje op de Leie. We kwamen langs een jachthaven waar een aantal boten aangemeerd lagen, en het viel me op dat sommige boten wel héél speciale namen hebben. Oké, Loesje, Nancy of Betsy, dat begrijp ik. Misschien zou ik ook ooit wel een boot willen met mijn voornaam. Maar dan: Bolero, Pépé's boot, Dream, Stressless..en de absolute giller (in mijn ogen dan toch): Aanvaarding ! Kijk, daar kan ik nu verhalen bij verzinnen…Aanvaarding ! Aan – vaar -ding ?? Aanva(a)ring ? De kapitein van de boot kon mijn opmerkingen maar matig appreciëren en vroeg tenslotte: zijn er dan geen rare plantennamen misschien ?

Goed, point taken ! Want die zijn er natuurlijk wel, legio!

In de Drôme is mijn geliefkoosde plant in de categorie rare namen : de Bitumen plant. Jawel : Bitumen!

Voor zij die nog even twijfelen: bitumen is wel degelijk asfalt. Een plant met de naam van een wegdekbekleding? Waarom? Is ze dan grijs ofzo? Plat? Lelijk?

Niets van dat alles ! Ze geurt gewoon naar …juist: asfalt.

Pekklaver of bituminaria bituminosum
Pekklaver of bituminaria bituminosum

Ik geef er jullie graag een foto bij, om te bewijzen dat ik niets verzin. De geur kan ik helaas niet meegeven. Maar die geur is er wel, en heel erg dominant.

Het is een plant die overal in het Mediterrane gebied kan gevonden worden. Ze heeft al een aantal namen gehad doorheen de tijden. Linnaeus was de eerste om haar te benoemen : Psoralea bituminosa L., maar nadien werd het eventjes Asphaltum bituminosum om tenslotte : Bituminaria bituminosum (L.) C.H Stirt te worden. Ligt het aan mij of krijgt die asfalt geur nu echt wel de bovenhand?

In het Nederlands: Pekklaver, wat ik dan weer bedroevend eenvoudig vind.

De plant is erg droogte resistent en kan als voeder gewas worden verbouwd. Maar welke dieren eten nu graag planten die naar asfalt ruiken? Men onderzocht de waarde van de plant, niet enkel voor herkauwers, maar ook bijvoorbeeld om ze toe te voegen aan kippenvoer gezien haar hoge waarde aan eiwitten. Een tweede optie is interessant: de plant kan gebruikt worden om gronden te herstellen en er zware metalen uit te halen. Eén onderzoek toonde aan dat de plant duidelijk meer inhoudstoffen produceerde bij gronden die veel zware metalen bevatten. De plant zou dus stress krijgen en daardoor meer (beschermende) coumarines onder andere, bevatten. Derde piste : de plant bevat fenolen, coumarines en flavonen waarvan men de medicinale waarde nu volop onderzoekt. Deze laatste insteek lijkt erg veelbelovend, we zullen er dus in de toekomst zeker nog over horen.

Dioscorides was in de 1ste eeuw echter ook al op zoek naar de geneeskracht. Volgens hem:  "Die jicht heeft of kramp die neemt een handvol van deze klavers en kookt ze in wijn en smeer er de gebrekkige leden er mee in het afnemen van de maan en hij zal ervan genezen."

Gezien de Drôme toch wel één van mijn lievelingsplekjes op aarde is, geef ik jullie graag nog deze schoonheid, met een leuke naam, mee.

Aphyllanthes monspelientes
Aphyllanthes monspelientes

De Aphyllanthes monspeliensis ! Probeer deze naam maar eens drie maal na elkaar uit te spreken ! In het Nederlands : Bieslelie, in het Frans l'Aphyllanthe de Montpellier . Ondanks de soortnaam van Montpellier, komt ze ook voor in Italië, Portugal en zelfs in Marokko. Ze is een plant van droge, rotsachtige gronden die niet enkel droogteresistent is maar ook een vrieskoude van – 10 moeiteloos verdraagt. De botanische geslachtsnaam komt van het Grieks a – phullos (zonder blad ) en anthos (bloem). De stengel draagt bovenaan een bloem maar geen bladeren. Hij is bedekt met een soort was om waterverdamping tegen te gaan.

De plant groeit in dikke dichte bosjes en heeft een vrij ingewikkeld ondergronds kluwen van rhizomen. Deze werden in de Languedoc vroeger wel verwerkt tot een soort borstels.

De bloem zelf is blauw en heeft geen geur. Ze is eetbaar, smaakt een beetje naar honing en wordt soms gebruikt als decoratie op cakes of in salades. Let wel: op sommige plaatsen is de plant beschermd !

Geiten en schapen houden van de plant en sommigen beweren dat de melk van dieren die de plant aten, een betere smaak heeft en dan ook de kaas ervan een aparte zoeterige toets krijgt.

Het was onze Vlaamse botanicus Mathias de Lobel die de plant haar naam gegeven heeft toen hij in zijn Stirpium Adversaria Nova (1571) de flora rond de stad Montpellier, beschreef. Linnaeus heeft de naam behouden. De bieslelie is de enige van dit geslacht, wat haar ook bijzonder maakt.

De plant is erg decoratief en kan in rotstuinen gebruikt worden.

De bloem is schitterend mooi en haar naam in het Occitaans ook dus wil ik je deze niet onthouden: Bragalou ! Zou dit geen goeie naam zijn voor een boot??

In mijn lijstje van bijzondere namen nog eentje . We kwamen de plant tegen bij onze wandeling in Saou. De witte Engbloem of Vincetoxicum hirundinaria.

Witte Engbloem of Vincetoxicum hirundinaria.
Witte Engbloem of Vincetoxicum hirundinaria.

De plant was al gekend in de oudheid en ook Dodoens had er aandacht voor. Eng – bloem wellicht omdat de plant giftig is maar ook omdat insecten blijkbaar moeite hebben om de plant te bestuiven. Heel eng dus voor de bijtjes!

Hirundaria : zwaluwstaart, naar de vorm van de witte kokerbloem die uitwaaiert zoals een zwaluwstaart, zegt men…

De Latijnse naam, die véél enger is, betekent zoveel als 'ik overwin gif '. Men was er dus van overtuigd dat indien je iets giftig had gegeten of je gebeten was door een gifslang, je de wortel van deze plant moest eten om te kunnen braken en zo het gif uit je lichaam te verwijderen. Wat uieraard niet helemaal juist is. De plant is dus wel zelf erg giftig, voor alle duidelijkheid !

Dus : als je ooit een boot tegenkomt met de cryptische naam 'Vincetoxicum ', dan weet je dat ik een boot heb !!